Zo nu en dan nemen mijn moeder en ik een verfrissende duik in het plaatselijke zwembad. Ik amuseer mij kostelijk in het peuterbadje. Mijn moeder hoeft geen doodsangsten uit te staan; ik ben niet levensmoe en haal geen gekke capriolen uit. Ook bij mijn oma op de camping spetter ik regelmatig in het water voor zover het weer het toelaat. Kort na mijn vierde verjaardag krijg ik het heugelijke nieuws dat ik mij binnenkort mag melden voor mijn allereerste zwemles.
Tijdens de lessen constateert mijn juf dat ik niet watervrij ben. Huilend laat ik me in het water zakken; huilend hijs ik mezelf een eindje verderop weer op de kant. Ik vind het bovendien erg spannend dat mijn vader en moeder niet wekelijks aanwezig zijn. Slechts een keer in de maand mogen ze komen kijken. De juf overtuigt mijn moeder van de noodzaak mij meer vertrouwd met het water te maken. Tweemaal in de week krijg ik daarom van mijn moeder privé-les.
Alle inspanningen ten spijt; na negen maanden dobber ik nog steeds rond in het kikkergroepje. De juf geeft mij mijn eerste certificaat in de hoop dat dit mij tot meer zal motiveren. Graag ziet ze mij wekelijks terug in een speciaal groepje voor extra ondersteuning. Tot mijn grote opluchting maakt mijn moeder een eind aan mijn lijden en herroept mijn inschrijving per direct. Ik ben dan ook zo blij als een kind dat ik eindelijk weer eens onbezorgd plezier kan maken als ik in het zwembad ben.
Zodra mijn jongere broer zwemrijp is, meldt mijn moeder ons aan bij een andere zwemvereniging. Hier mogen mijn ouders elke les naar onze vorderingen kijken. In het peuterbadje verderop amuseren mijn jongste broer en zusje zich met niets meer dan een emmer en een gieter. Zelf heb ik intussen het licht gezien en zwem als een vis in het water. Ik krijg als bonus nog extra opdrachtjes om mijn techniek te perfectioneren. Na krap een jaar mag ik al mijn examen doen.
Op de dag van mijn afzwemmen heb ik totaal geen last van watervrees. Mijn opa’s en oma’s staan immers langs de zijlijn om mij aan te moedigen. Bovendien ligt thuis een mooi cadeau op mij te wachten. Voor nu spring ik vol overtuiging in het water en zwem met sierlijke slagen van de ene kant naar de andere. Van de hoge kant duik ik het water in en trappel nog even vrolijk rond. Trots neem ik mijn diploma in ontvangst. Volgende week ben ik weer terug; dan zwem ik van A naar Beter!