Aangelijnd
Toen ik nog een klein mannetje was, liep ik in een tuigje met een hondenriem eraan. Mama vindt het werktuig ergens in de wandelwagen en laat hem mij zien. Ik pak ‘m aan, bekijk ‘m en zeg tenslotte: ” Mama, ik heb hond nodig.”
Hier lees je mijn zeer intelligente opmerkingen, althans dat vond ik..
Toen ik nog een klein mannetje was, liep ik in een tuigje met een hondenriem eraan. Mama vindt het werktuig ergens in de wandelwagen en laat hem mij zien. Ik pak ‘m aan, bekijk ‘m en zeg tenslotte: ” Mama, ik heb hond nodig.”
Als ik ziek ben, krijg ik van mijn ouders een zetpil. Ze noemen het ding altijd gekscherend raketje. Nu wil het geval dat Guus erg ziek is. Papa neemt de temperatuur en constateert dat de patient hoge koorts heeft. ” Papa, krijgt Guus nu een kroketje?”, informeer ik belangstellend.