De grote school

 

,

Vorige week maandag was officieel mijn eerste schooldag. Nog vóór de voorjaarsvakantie ben ik drie weken lang twee ochtenden gaan wennen op de kleuterschool. Dat vond ik wel spannend. Het is ook zo anders dan de peuterspeelzaal. Nu heb ik wel twee juffies net zoals daar. Alleen werken deze juffies op verschillende dagen. Op maandag, dinsdag en vrijdag heb ik de juffrouw met de staart. Juf Mirjam heet ze. Op woensdag en donderdag is de oude juf er. Zij heet juf Marion en heeft geen staart. Op woensdag vind ik het wel leuk op school. Dan kijk ik samen met de kindjes in mijn klas naar het kinderprogramma Zappelin op TV. Er zitten overigens wel heel veel kindjes in mijn klas. Zo’n 25 om precies te zijn. Ik ben de junior. De meesten zijn al snel een kop groter dan ik ben. De rest van de schooldagen vind ik er niet zoveel aan.

Het is overigens niet zo dat ik ’s ochtends al met tegenzin ga. Ik laat me makkelijk aankleden, eet mijn pap, trek mijn jas aan en neem mijn mooie lunchtasje mee. Samen met Guus en mama loop ik naar school. Ik vind het alleen maar moeilijk om afscheid van papa of mama te nemen in de klas. Vaak hou ik me groot. Soms laten de tranen zich echter niet bedwingen; dan moeten mijn ouders een huilend kind achterlaten. Guus heeft het maar goed. Hij brengt me graag naar school, speelt dan even met de auto’s en puzzels en gaat op mijn stoeltje zitten. Als de juffrouw met de les begint, gaat hij altijd met mama mee terug naar huis. Ik moet dan bij de juf op schoot blijven zitten zodat ze me kan troosten. Het spreekt voor zich dat ik dolgelukkig ben één van mijn ouders te zien aan het eind van de ochtend. Dan mag ik naar huis. Lekker spelen met mijn eigen speelgoed, met mijn eigen broertje die ik makkelijker te baas ben dan al die grote kerels in mijn klas. 

Deze week ben ik schoolziek; koorts en gesnotter. Ik mag dus lekker thuis blijven. Ook hier mag ik naar Zappelin kijken. De hele dag! Mijn moeder serveert de hele dag koude, zoete drankjes. Goed voor mijn pijnlijk keeltje. Ik hoef me niet te wassen en aan te kleden. Geen drukte aan mijn hoofd, alleen een klein broertje dat zo af en toe voor mijn beeld loopt. Ik heb dus niet zo’n haast om weer naar school te gaan. Morgen mag ik nog thuis blijven. Donderdag is nog een twijfelgeval. Hoogstwaarschijnlijk ben ik daar afhankelijk van mijn moeder haar beslissing tussen plichtsbesef en medelijden met mij, arme ziel. Vrijdag hoef ik in ieder geval niet. Dan ga ik naar opa Boermans toe, die jarig is. Ik hou niet zo van de lange autorit naar België maar dit keer ga ik met liefde. Dan hoef ik tenminste niet naar school!

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *