Nou was ik al een voorbeeldkind wat doorslapen betreft. Vanaf het moment dat ik geboren ben, sliep ik tot vier uur, half vijf door. Dan had ik echt wel honger.
Sinds deze dag wek ik mijn ouders pas rond zes uur, half zeven. Niet omdat ik dan honger heb maar omdat ik vind dat ze genoeg nachtrust hebben gehad.
Met een beetje hulp van mijn ouders kan ik op mijn achterste zitten. Aan mijn handjes word ik voorzichtig omhoog getakeld. Ik probeer mooi rechtop te blijven zitten. Alleen mijn balans houden is moeilijk.