Hijgend en puffend staat mijn vader uit te rusten in de voortuin. Hij heeft zojuist rond de rioolput gegraven; de deksel kan hij nu optillen. Tot zijn ellenbogen hangt hij in de rioolput. Er moet een emmer aan te pas komen, concludeert hij. Vervolgens hijst hij zo’n 200 liter stinkend water naar boven met zijn gele emmertje van een niet nader te noemen bouwmarkt. Nu kan hij eindelijk in de put gaan staan en onderzoek verrichten.
U vraagt zich nu waarschijnlijk af wat mijn vader in hemelsnaam op deze gemoedelijke zondagochtend uitspookt. Daarvoor moeten wij even teruggaan in de tijd; gistermiddag bleek dat wij te maken hadden met een ernstige rioolverstopping. Het toiletwater kwam akelig hoog in de pot bij het doortrekken. Het doucheritueel had meer weg van badderen dan echt afspoelen en onze gootsteen liet regelmatig een blubberend geluid horen. Tijd dus om actie te ondernemen.
De rioleringsman liet een poos op zich wachten. Tegen half 7 ’s avonds arriveerde hij eindelijk. Ongewassen stonden we in onze pyjama’s aan het slaapkamerraam. We vergaapten ons aan al het mooie gereedschap dat de man had uitgestald in onze tuin. Hij had een slang van wel twintig meter bij zich. Het wilde echter niet lukken. De toiletpot lag nog geen vijf minuten later in onze voortuin. Nog geen succes. Deze verstopping was er duidelijk een van een groots kaliber.
De meneer meende dat het probleem hoogstwaarschijnlijk bij de gemeente lag. Die moest mijn vader dan maar maandagochtend bellen. Mijn moeder kreeg bijna teveel toen ze hoorde dat deze onaangename situatie nog wel een tijdje voort zou duren. Mijn vader raadpleegde daarop de website van de gemeente. Al snel bleek het zijn burgerplicht te zijn de rioolput op de erfgrens te onderzoeken. Om zeker te weten dat wij echt niet zelf de oorzaak van het probleem waren.
Terug naar vandaag; mijn vader meldt zich bij mijn moeder aan de voordeur. In zijn hand houdt hij een nat en bevuild doekje. Het is precies zo’n exemplaar als de vochtige doekjes waarmee mijn ouders de billen van mijn broertjes schoonmaken na een vieze luier. Mijn vader heeft inmiddels al tientallen uit de rioolput gevist. Van een eenmalige vergissing kan dus geen sprake zijn. De grote vraag is nu natuurlijk hoe deze doekjes beland zijn op de plek waar ze zojuist gevonden zijn. Mijn vader en mijn moeder kijken elkaar verwonderd aan. Die blikken richten zich echter binnen een paar seconden op mijn persoontje. Ik ontken heftig als mijn vader mij het vuur aan de schenen legt. Tot zondagavond, dan vraagt mijn vader het opnieuw. Ik weet inmiddels zeker dat, als mijn ouders al woedend waren geweest, dit inmiddels verleden tijd is. Ik kan dus veilig toegeven dat ik mijn vader een driedubbele hernia en een rekening van 150 euro heb bezorgd.